De cursus houdt zich bezig met het spanningsveld gevormd door de constatering enerzijds dat samenwerking en overleg noodzakelijk zijn en anderzijds op vele momenten ook moeilijk blijken, zelfs als alle betrokkenen hun uiterste best doen.
Deze noodzaak en moeilijkheid kan men concretiseren in een leidraad van denken en handelen voor de samenwerking en het overleg van alledag.
Enkele voorbeelden van vraagstukken:
het respecteren van verschillende invalshoeken,
posities, meningen, visies, disciplines en belangen zonder zichzelf
tekort te doen op dit vlak;
het hanteren van het onderscheid tussen verschil, misverstand en
conflict;
het hanteren van de begrensdheden en mogelijkheden van taal en
stijl;
het nemen van verantwoordelijkheid voor de ongewenste effecten
die men noodzakelijkerwijze ook bekomt;
het participeren aan verschillende vormen van overleg.
De meer structurele invalshoek komt aan bod voor zover structuren belichaamd zijn door communicerende mensen. Dit geldt ook voor overleg- en vergadertechniek.